SVB en vakbonden bereiken akkoord nieuwe cao
De Sociale Verzekeringsbank en de vakbonden hebben een akkoord bereikt over een nieuwe cao. De nieuwe cao treedt in werking per 1 december 2025, heeft een looptijd van 25 maanden en biedt medewerkers zekerheid over hun arbeidsvoorwaarden.
Oog voor inflatie en ontwikkeling
Het akkoord is tot stand gekomen in een periode waarin de SVB voor organisatorische en financiële uitdagingen staat. De komende jaren worden gekenmerkt door taakstellingen vanuit het Rijk, vereenvoudigingsopgaven en verdere ontwikkelingen van de organisatie. Deze veranderingen vragen om zorgvuldige afwegingen, aandacht voor zowel de maatschappelijke opdracht van de SVB als het welzijn van collega’s.
Tegen deze achtergrond is een gebalanceerde en toekomstgerichte cao afgesproken die rekening houdt met de financiële ruimte van de SVB, maar die tegelijkertijd ook invulling geeft aan goed werkgeverschap. Daarnaast zijn afspraken gemaakt die aansluiten bij maatschappelijke ontwikkelingen en de wensen van onze collega’s.
Diana Starmans, voorzitter van de raad van bestuur: ‘Ik ben trots dat we in een periode van organisatorische en financiële uitdagingen, samen met onze sociale partners een evenwichtig onderhandelingsakkoord hebben bereikt. Deze nieuwe cao geeft erkenning aan de inzet van onze collega’s, met afspraken die niet alleen de inflatie dekken en zelfs een kleine plus in koopkrachtverbetering bieden, maar ook bijdragen aan goed werkgeverschap. Daarmee leggen we een solide basis voor de komende 25 maanden waarin stabiliteit, waardering en ontwikkeling centraal staan. Met dit akkoord versterken we niet alleen onze organisatie maar ook onze maatschappelijke betekenis - vandaag én voor de toekomst.’
Nog even de belangrijkste afspraken in de cao op een rij
- Een structurele loonsverhoging van 5,8% (3% per 1 januari 2026 en 2,8% per 1 januari 2027).
- Een eenmalige netto-uitkering van 300 euro bij het salaris van januari 2026.
- Daarnaast zijn enkele andere regelingen aangepast, verlengd of uitgebreid. Zo is de levensfaseregeling verlengd, is er een aanpassing in de vergoeding voor woon-werkverkeer, en is er een nieuwe reservistenregeling geïntroduceerd.