U woont met 2 of meer personen

De hoogte van uw AOW hangt af van uw situatie. Woont u met 2 of meer personen in 1 woning? Dan zijn er 4 situaties. Kijk per situatie of u een gehuwdenpensioen of een ongehuwdenpensioen krijgt. 

  1. U bent met 1 van deze personen getrouwd of u heeft een  geregistreerd partnerschap. U krijgt een  gehuwdenpensioen 
  2. U heeft met 1 van deze personen een  gezamenlijke huishouding. U krijgt een gehuwdenpensioen 
  3. U heeft met 2 of meer personen een gezamenlijke huishouding. U krijgt een ongehuwdenpensioen 
  4. U heeft met niemand een gezamenlijke huishouding. U krijgt een ongehuwdenpensioen 

Meer over de gezamenlijke huishouding

U heeft voor de AOW een gezamenlijke huishouding als u met een persoon van 18 jaar of ouder woont én u allebei regelmatig bijdraagt aan het huishouden.

Bijdragen aan het huishouden kan op 2 manieren: 

  1. Financieel. U betaalt mee aan de kosten van de huishouding zoals woonkosten, boodschappen en overige kosten 
  2. Voor elkaar zorgen. U helpt elkaar met de schoonmaak, boodschappen doen, administratie doen, koken, elkaar verzorgen bij ziekte

Het meebetalen of op een andere manier voor elkaar zorgen moet enige omvang hebben en vaker zijn dan af en toe.

Voorbeeld

Els heeft AOW en woont in 1 huis met haar broer. Zij delen de kosten van het huishouden. Daarnaast maken ze allebei schoon en doen de wekelijkse boodschappen. Els krijgt het gehuwdenpensioen.

Woont u met iemand op 1 adres? Dan is er altijd sprake van een gezamenlijke huishouding als u met de ander:

  • eerder getrouwd bent geweest 
  • eerder heeft samengewoond 
  • samen een kind heeft (erkend of eigen kind) 
  • een samenlevingscontract heeft dat door een notaris is opgesteld 
  • voor een andere wet of regeling al een gezamenlijke huishouding heeft 

Voorbeeld 1

Berend woont samen met Saskia. Zij hebben allebei AOW. Zij zijn niet getrouwd. Samen delen zij de kosten van het huishouden. De dochter van Saskia, Louise (22 jaar), woont ook bij hen. Zij studeert, heeft een bijbaantje en doet weinig in het huishouden. 

Berend en Saskia hebben een gezamenlijke huishouding met elkaar. Zij hebben geen gezamenlijke huishouding met Louise. Berend en Saskia krijgen daarom het gehuwdenpensioen.

Voorbeeld 2

Nora heeft AOW. Bij haar wonen haar nicht Sanne (49 jaar) en de dochter van Sanne: Emma (29 jaar). 

Sanne en Emma werken allebei en betalen mee aan vaste lasten zoals de huur, boodschappen en energie. Ook helpen zij dagelijks met koken, boodschappen doen, schoonmaken en klusjes in het huis. 

Nora heeft met Sanne én met Emma een gezamenlijke huishouding. Nora krijgt daarom het ongehuwdenpensioen.