OBR

Door onderhoudswerkzaamheden is onze website van 17 tot 20 mei minder goed bereikbaar.

Uw VUT of vergelijkbare uitkering is ingegaan ná 1 januari 2013 en vóór 1 juli 2015

Sinds 2013 gaat de AOW-leeftijd in stappen omhoog. Maar vanaf 2016 gaat de AOW-leeftijd sneller omhoog. U krijgt hiermee te maken als u geboren bent na 30 september 1950. Het betekent dat uw AOW-pensioen later ingaat. U kunt een overbruggingsuitkering krijgen over de periode tussen uw oude en nieuwe AOW-leeftijd als u aan alle 8 voorwaarden voldoet.

Voorwaarden om OBR te krijgen

  1. U bent geboren na 30 september 1950
  2. U heeft na 1 januari 2013 maar voor 1 juli 2015 een uitkering uit een van de volgende regelingen gekregen:
    • VUT, prepensioen, overbruggingspensioen of functioneel leeftijdsontslag
    • partnerpensioen
    • particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering voor (voormalige) zelfstandigen
    • particuliere Anw-hiaatverzekering of een particuliere WIA/WGA-verzekering
    • lijfrente wegens ontslag (ontslagvergoeding die door uzelf of de werkgever is omgezet in een periodieke uitkering)
    • wachtgelduitkering op basis van een wachtgeldregeling
    • levensloop of
    • niet-Nederlandse uitkering die overeenkomt met een van bovengenoemde regelingen
  3. Deze uitkering stopt, wordt lager of gaat over in een ouderdomspensioen:
    • in de maand waarin u 65 jaar wordt of op de eerste dag van de maand na uw 65e verjaardag, of
    • in de maand waarin u uw oude AOW-leeftijd bereikt of op de eerste dag van de maand daarna.
  4. Uw inkomen is 6 maanden voor uw oude AOW-leeftijd lager dan € 3.231,60 bruto als u alleenstaand bent. Als u een partner heeft, is het inkomen van u en uw partner samen in die maand lager dan € 4.847,40 bruto. (bedragen per 1 januari 2019). Eenmalige inkomsten in die maand, zoals een bonus, eindejaarsuitkering of vakantiegeld tellen niet mee.
  5. Uw vermogen op 1 januari van het jaar waarin u uw oude AOW-leeftijd bereikt, ligt onder de vrijstellingsgrens van box 3. Als u alleenstaand bent, ligt die grens op 1 januari 2019 op € 30.360. Als u een partner heeft, is de grens € 60.720. Voor (voormalige) zelfstandigen geldt boven deze grens nog een extra vrijstelling van € 122.717. Uw eigen huis en pensioenvermogen tellen niet mee.
  6. U heeft ten minste één jaar AOW opgebouwd.
  7. Uw partner die al AOW heeft, ontvangt geen AOW-toeslag voor u.
  8. Uw inkomsten zijn niet te hoog. Hoeveel overbruggingsuitkering u krijgt, hangt af van uw inkomsten in de periode waarover u de uitkering ontvangt. Deze inkomsten trekken we van de uitkering af. Als u alleenstaand bent, krijgt u geen overbruggingsuitkering als uw pensioen of uitkering hoger is dan € 1.195,54 bruto per maand. Als u een partner heeft, krijgt u geen overbruggingsuitkering als uw pensioen of uitkering hoger is dan € 767,56 bruto per maand (bedragen per 1 januari 2019).

Aanvragen van de OBR

U krijgt meestal automatisch een brief om een overbruggingsuitkering aan te vragen. U krijgt deze brief 4 maanden voordat u uw oude AOW-leeftijd zou bereiken. In de brief staat hoe u een overbruggingsuitkering aanvraagt.

Geen brief ontvangen en u voldoet aan de voorwaarden?

Heeft u geen brief ontvangen en denkt u dat u aan de voorwaarden voldoet?

Als u aan de voorwaarden voldoet, verschijnt er een link waarmee u meteen uw aanvraag kunt doen.

Overbruggingsuitkering is een tijdelijke regeling

U kunt geen overbruggingsuitkering krijgen als u geboren bent na 31 maart 1956.