Taal
logo SVB Sociale Verzekeringsbank voor het levenlogo SVB Sociale Verzekeringsbank voor het leven

Kinderbijslag - Uw kind gaat (tijdelijk) uit huis

Kinderbijslag

Uw kind gaat (tijdelijk) uit huis

Soms is het niet mogelijk om uw kind thuis op te voeden en te verzorgen. U kunt dan toch kinderbijslag krijgen.

Kinderbijslag voor uw kind dat niet bij u thuis woont

U krijgt kinderbijslag voor uw uitwonende kind als:

  • u minstens € 416 per kwartaal betaalt voor het onderhoud van uw kind.
  • uw kind minder dan € 1.790 netto per kwartaal bijverdient.

Voor de SVB is uw kind uitwonend als hij of zij minder dan 4 nachten per week thuis overnacht. 

Gaat uw kind tijdelijk uit huis voor bijvoorbeeld een ziekenhuisopname of vakantie? Dan blijft uw kind voor de SVB gewoon thuiswonend. Als die tijdelijke periode langer dan 6 maanden duurt, is uw kind voor ons uitwonend geworden.

Als u gescheiden van uw partner leeft en uw kind bij de andere ouder woont, kan uw ex-partner mogelijk ook kinderbijslag krijgen. De SVB betaalt de kinderbijslag dan aan de ouder bij wie het kind woont.

Tweemaal kinderbijslag bij hoge kosten voor een uitwonend kind

Als u veel kosten heeft voor uw uitwonende kind, kunt u tweemaal kinderbijslag krijgen. U krijgt tweemaal kinderbijslag voor uw uitwonende kind als:

  • u per kwartaal meer dan € 1.103 betaalt voor het onderhoud van uw kind.
  • uw kind niet meer dan € 1.103 netto per kwartaal bijverdient.

Is uw kind jonger dan 16 jaar, dan kunt u alleen tweemaal kinderbijslag krijgen als uw kind niet bij u thuis woont:

  • door ziekte of handicap, of
  • om onderwijs te volgen.

Niet tweemaal kinderbijslag voor thuiswonende gehandicapte kinderen

Is uw kind gehandicapt en woont het thuis? Dan kunt u niet tweemaal kinderbijslag krijgen, maar mogelijk wel een extra bijdrage vragen voor de kosten van het onderhoud van een gehandicapt kind. Deze bijdrage heet de 'Tegemoetkoming Onderhoudskosten thuiswonende Gehandicapte kinderen' (TOG)

Niet tweemaal kinderbijslag als u uw kind 45 dagen bezoekt

Als uw kind niet bij u thuis woont, krijgt u voor dat kind tweemaal kinderbijslag als u niet meer dan 45 dagen per kwartaal bij uw kind verblijft.

Brengt u of de andere ouder een paar keer in een kwartaal een kort bezoek aan uw kind (bijvoorbeeld 2 of 3 weken), dan tellen wij de bezoekperioden bij elkaar op. Dit doen we ook als u de ene keer op bezoek gaat en de andere ouder de volgende keer. Als de ouders (of één van de ouders) meer dan 45 dagen per kwartaal bij het kind verblijven, beschouwen wij uw kind als thuiswonend. U krijgt dan eenmaal kinderbijslag.

Gaat u bij uw kind op bezoek in het ene kwartaal en loopt uw bezoek door in het volgende kwartaal? Ook dan mag uw bezoek niet langer duren dan 45 dagen.

Voorbeeld: uw bezoek aan uw kind begint op 21 juni en eindigt op 9 augustus. Totaal is dat 50 dagen. In het 2e kwartaal zijn het 10 dagen en in het 3e kwartaal 40 dagen. Over het 3e kwartaal krijgt u eenmaal kinderbijslag.

Komt uw kind regelmatig thuis voor vakanties of weekenden? Dan maakt het niet uit hoe lang uw kind bij u thuis verblijft.