BDZ
Wat krijgt de nabestaande
De hoogte van de nabestaandenrente wordt berekend op basis van de ouderdomsrente die de overledene krijgt of vanaf zijn of haar 65e zou krijgen. De eerste 3 maanden na het overlijden krijgt de nabestaande 100% van de ouderdomsrente (Sterbevierteljahr). Na die 3 maanden krijgt de nabestaande een vaste nabestaandenrente. Er is een hoge en een lage rente. De hoge rente is 60% van de ouderdomsrente en de lage rente 25%. Voor nabestaanden die onder de nieuwe wetgeving vallen, is dit 55% en 25%. De nabestaande krijgt een hoge rente als:
- hij of zij 45 jaar of ouder is, of
- arbeidsongeschikt is, of
- een kind opvoedt dat jonger is dan 18 jaar.
In alle andere gevallen krijgt de nabestaande de lage nabestaandenrente.
Aftrek in verband met leeftijd
Van de hoge of lage rente die de nabestaande na 3 maanden krijgt, gaat nog een bedrag af. Dit bedrag hangt af van de leeftijd bij overlijden:- Was de overledene jonger dan 60, dan krijgt de nabestaande 10,8% minder rente.
- Was de overledene tussen de 60 en 63, dan krijgt de nabestaande 0,3% minder rente voor elke maand voordat de overledene 63 jaar zou worden.
- Was de overledene tussen de 63 en 65, dan krijgt de nabestaande de volledige nabestaandenrente.
Hoe lang krijgt de nabestaande Rente?
De nabestaande krijgt de Duitse Rente tot zijn of haar overlijden. Hertrouwt de nabestaande? Dan stopt de rente aan het eind van de maand waarin de nabestaande partner hertrouwt.
In Nederland krijgt de nabestaande tot zijn of haar 65e een nabestaandenuitkering Anw. Als hij of zij zelf verzekerd is voor de Nederlandse AOW, krijgt de nabestaande vanaf dat moment een AOW-pensioen.
Eigen inkomsten van de nabestaande
Heeft de nabestaande eigen inkomsten, bijvoorbeeld loon of een uitkering? Dan wordt de nabestaandenrente lager. Een deel van het netto inkomen van de nabestaande gaat van de uitkering af. Behalve de eerste 3 maanden (Sterbevierteljahr), dan gaan de eigen inkomsten niet van de rente af.

