BBZ
Nabestaandenuitkering Anw
Werkt u in loondienst in Nederland? Dan bouwt u in Nederland ouderdomspensioen (AOW) op en bent u verzekerd voor een nabestaandenuitkering Anw. Komt u te overlijden, dan kan uw partner een nabestaandenuitkering krijgen en uw kinderen een (half)wezenuitkering.
Uw partner krijgt de Anw van de Sociale Verzekeringsbank. De uitkering kunt u aanvragen bij de pensioendienst van uw eigen gemeente. Als u ook in België heeft gewerkt, kan uw partner mogelijk ook een overlevingspensioen uit België krijgen.
Krijgt uw partner Anw?
Uw partner krijgt een halfwezenuitkering Anw als hij of zij:
- jonger dan 65 is, en
- zwanger is, óf
- een eigen kind of een pleeg- of stiefkind verzorgt dat jonger is dan 18 jaar.
De halfwezenuitkering is een vast bedrag per maand. Dit bedrag is niet afhankelijk van andere inkomsten. Naast de halfwezenuitkering kan uw partner een nabestaandenuitkering Anw krijgen. Dat bedrag is wel afhankelijk van andere inkomsten.
Heeft uw partner geen kinderen die jonger dan 18 zijn, dan krijgt uw partner een nabestaandenuitkering Anw als hij of zij:
- is geboren voor 1 januari 1950, óf
- voor minstens 45% arbeidsongeschikt is.
Het maakt niet uit of u getrouwd was of samenwoonde. De nabestaandenuitkering Anw stopt als:
- de nabestaande 65 jaar wordt,
- de nabestaande hertrouwd of gaat samenwonen,
- het (jongste) kind 18 jaar wordt, óf
- de nabestaande niet langer minstens 45% arbeidsongeschikt is.
Anw-uitkering voor wezen
Kinderen hebben recht op een wezenuitkering Anw als beide ouders zijn overleden.

